Selecteer hierboven een eigen team !
Selecteer hierboven een eigen team ! |
Protocol Ongewenst Gedrag1. IntentieHZVV is tijdens verenigingsaktiviteiten verantwoordelijk voor het welzijn van haar leden, medewerkers en vrijwilligers. Zij dient in dit kader haar leden, medewerkers en vrijwilligers zoveel mogelijk te beschermen tegen ongewenst gedrag binnen de vereniging. Daartoe heeft het bestuur dit Protocol Ongewenst Gedrag opgesteld. Centraal staat dat ongewenst gedrag in welke vorm dan ook ontoelaatbaar is. Iedere lid, medewerker of vrijwilliger dient zich dan ook van iedere vorm van seksuele intimidatie, discriminatie, intimiderend gedrag en pesten te onthouden. Het beleid ongewenst gedrag heeft tot doel het bestrijden en voorkomen van seksuele intimidatie, discriminatie, intimiderend gedrag en pesten binnen de organisatie. Er wordt gestreefd naar een verenigingsklimaat waarin de leden, medewerkers en vrijwilligers elkaar op een respectvolle en correcte wijze behandelen. Middelen om dit doel te bereiken zijn:
2. Definities2.1 Seksuele intimidatie.Onder seksuele intimidatie wordt verstaan alle vormen van seksuele gedragingen en toenadering die door degene die het signaleert of ondergaat als eenzijdig, negatief, ongewenst en/of gedwongen worden ervaren. De verschillende vormen van seksuele intimidatie zijn:
2.2 Discriminatie.Onder discriminatie wordt verstaan het onderscheid maken ten nadele van leden, medewerkers of vrijwilligers op basis van bijvoorbeeld geslacht, seksuele voorkeur, leeftijd, herkomst, huidskleur en nationaliteit. 2.3 Intimiderend gedrag / pesten.In engere zin verwijst intimidatie naar een vorm van chantage waarbij de persoon die de intimidatie ondervindt wordt bedreigd. Het is belangrijk te beseffen dat alleen degene waarop de aandacht is gericht kan beoordelen of die aandacht gewenst of ongewenst is. Als een lid, medewerker of vrijwilliger aangeeft bepaald gedrag vernederend of belastend te vinden dan moet degene die zich zo gedraagt zijn/haar gedrag bijstellen. 2.4 Leden.Een ieder die een of andere vorm van training volgt bij HZVV, dan wel deelneemt aan de overige activiteiten van HZVV of middels een bijdrage 'vriend' van HZVV is. 2.5 Externe personen.Personen die geen directe relatie hebben met HZVV. Gedacht kan worden aan introducés bij sportieve activiteiten, familieleden en vrienden van leden. 2.6 Medewerkers.Alle trainers, vrijwilligers, stagiaires, etc. die verbonden zijn aan HZVV ten behoeve van de vereniging. 2.7 Vertrouwenspersoon.De vertrouwenspersoon is een persoon (eventueel buiten de vereniging) die door het bestuur is gevraagd op te treden als persoon tot wie de leden, medewerkers of vrijwilligers die geconfronteerd worden met ongewenst gedrag zich kunnen richten voor advies en ondersteuning. 2.8 Klachtencommissie.De klachtencommissie is ingesteld door het bestuur en is belast met de behandeling van klachten die bij haar door o.a. de vertrouwensperso(o)n(en) of betrokkene worden ingediend over bijvoorbeeld ongewenst gedrag naar leden en/of medewerkers. 2.9 Geheimhouding.Een ieder die in het kader van het klachtenonderzoek kennis neemt van gegevens waarvan hij/zij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs kan vermoeden, is verplicht tot geheimhouding daarvan. 3. Uitgangspunten
4. Meldingen van (vermoeden) ongewenst gedragVoor iedere medewerker (ook vrijwilligers, stagiaires e.d.) van HZVV geldt een meldingsplicht ten aanzien van ieder redelijk vermoeden van ongewenst gedrag tegenover een lid, medewerker of vrijwilliger. Dit echter pas na toestemming van het slachtoffer. Melding kan plaatsvinden bij de vertrouwenspersoon of klachtencommissie. Het bestuur ziet er op toe dat melder / klager geen nadeel ondervindt. 5. KlachtenbehandelingIndien een lid, medewerker of vrijwilliger, melding wil doen van ongewenst gedrag kan hij/zij zich wenden tot de vertrouwenspersoon of direct een klacht indienen bij de klachtencommissie van HZVV. De volgende fasen kunnen doorlopen worden: 5.1 Vertrouwenspersoon.Na melding bij de vertrouwenspersoon vindt er binnen twee werkdagen een eerste gesprek plaats. Een van de belangrijkste taken van de vertrouwenspersoon is het verzorgen van de eerste opvang van de klager. Het is van belang om in de eerste fase het probleem / de klacht helder te krijgen en samen met de klager te komen tot verdere strategiebepaling. De klager kan zich altijd laten bijstaan door iemand die zij of hij vertrouwt. Contacten met de vertrouwenspersoon zijn strikt vertrouwelijk. Alleen met toestemming van de klager kan de vertrouwenspersoon actie ondernemen, zoals het inzetten van bemiddeling of klager begeleiden bij het indienen van een klacht bij de klachtencommissie. Alle mogelijkheden worden in de eerste instantie op een rij gezet om de gevolgen van ongewenst gedrag aan te pakken. Bij het doorpraten van de mogelijkheden gaat het enerzijds om wat de klager zelf wil en anderzijds om wat de feitelijke omstandigheden zijn. Een gesprek met de vertrouwenspersoon kan in sommige gevallen voldoende ondersteuning bieden. Ook het inzetten van een externe bemiddelaar behoort tot de mogelijkheden om tot een oplossing te komen. Mocht dit niet lukken dan kan de vertrouwenspersoon de klager adviseren een formele klacht in te dienen bij de klachtencommissie. Gedurende het gehele traject van klachtenbehandeling ondersteunt de vertrouwenspersoon de klager. 5.2 Bemiddeling.In deze fase bestaat de mogelijkheid om via een bemiddelaar te komen tot een oplossing van het probleem. Indien de klacht van dien aard is dat bemiddeling niet kan bijdragen aan een oplossing tussen beide partijen, kan deze fase worden overgeslagen. De klacht wordt in dit geval direct voorgelegd aan de klachtencommissie. 5.3 Klachtencommissie.Als bemiddeling niet gewenst is of niet tot een oplossing heeft geleidt, kan de klacht door de klager en/of vertrouwenspersoon bij de klachtencommissie worden ingediend. De klachtencommissie zal zich op basis van hoor en wederhoor een zo objectief mogelijk beeld van de situaties vormen en zal op basis hiervan een advies uit te brengen aan het bestuur over de te nemen maatregelen. Het is tevens mogelijk dat de klager zich direct tot de klachtencommissie wendt. 5.4 Het bestuur.Het bestuur komt op basis van het advies van de klachtencommissie tot een besluit en zal daaraan uitvoering geven. Het is ook mogelijk dat de klager rechtstreeks een klacht indient bij het bestuur. Het bestuur kan dan de klachtencommissie inschakelen voor onderzoek van de klacht. Het besluit van het bestuur wordt ter kennis gebracht aan de klager, de aangeklaagde, de klachtencommissie en de vertrouwenspersoon. Tevens wordt aangegeven of het besluit al dan niet afwijkt van het gegeven advies van de klachtencommissie. Vertrouwenspersonen: Mevr. M.H. Annen-Slagter Dhr. T. Schraa Klachtencommissie: Casper Fieten (voorzitter) Bestuur HZVV Hoogeveen, augustus 2010 |
Vrijwilliger(s) van de Maand
Verslagen
Voor meer verslagen zie teampagina |



